Sluit dit venster om terug te gaan naar de Apple pagina van RozemarijnOnline.


Bent u rechtstreeks op deze pagina gekomen, klik dan op:




of





ROZEMARIJNONLINE

De Apple pagina







De geschiedenis van Apple Computer Inc.


door Rina, alias MacMiep
in Breekpunt




Het ontstaan en de strijd tegen concurrent IBM


Apple. Vandaag de dag is het niet meer weg te denken. Maar wat weten we af van het ontstaan van het merk dat in bijna 30 jaar is uitgegroeid tot iets dat serieus kan concurreren met andere besturingssystemen. MacMiep beschrijft in twee delen de geschiedenis van een idee dat in een kleine huiskamer werd geboren en de wereld in werd geslingerd door twee vrienden met dezelfde voornaam: Steve Wozniak en Steve Jobs. Deel I, deel II zal morgen op deze plaats te lezen zijn.


Steve Wozniak en Steve Jobs zijn twee vrienden met een gedeelde interesse voor elektronica. Ze leren elkaar kennen bij Hewlett-Packard (HP), waar Wozniak werkt en waar Jobs een vakantiebaantje heeft. In zijn vrije tijd is Wozniak al enige jaren bezig met het ontwerpen van een 'personal computer'. Hij mag vanuit zijn werk wat chips lenen en in 1975 bouwt hij een prototype. Jobs helpt hem daarbij. Het woord 'personal computer' is dan nog niet uitgevonden. In die dagen beslaan computers al gauw een huiskamer en zijn onbetaalbaar voor de gewone consument. Zelf-bouw computers zijn er alleen voor een selecte groep hobbyisten en zijn niet meer dan dozen met knopjes en lampjes.


Wozniak kiest echter voor een keyboard om het geheel te besturen. HP en Atari zijn niet ge•nteresseerd, maar Jobs ziet wel wat in Wozniak's kindje. Hij stelt voor het zelf te gaan verkopen. Een bedrijfsnaam word gauw gevonden in - wat wordt verondersteld - Job's favoriete fruit; op 1 april 1976 is Apple Computer een feit.


Naast de twee Steve's doet ook een zekere Ron Wayne mee. Deze houdt het al snel voor gezien uit angst geld te verliezen. Bedrijfspand is vooralsnog de garage van het ouderlijk huis van Jobs. De zelfbouw computer wordt Apple I gedoopt en bestaat uit een printplaat vol met handgesoldeerde onderdelen. Het bevat een MOS Technology 6502 processor draaiend op een snelheid van 1 megahertz, 8 kilobyte werkgeheugen (max. 32 kb) en 1 kilobyte aan videogeheugen. De koper moet zelf zorgen voor de voeding, een keyboard, een cassettespeler en een tv. Verkoopprijs in de winkel: $666,66, inclusief een cassette met programmeertaal Apple BASIC.



Serieus


Al levert het eerste bouwsel ruim driekwart miljoen dollar op, als bedrijf wordt Apple nog niet echt serieus genomen. Tot ze in 1977 de Apple II introduceert. Het is de eerste pc die in een plastic kast zit en kleuren kan weergeven. Wanneer wat later een losse floppy drive beschikbaar komt, verovert de Apple II ook het buitenland. Voor mensen die niet in staat zijn hun eigen programma's te schrijven, komt er steeds meer kant-en-klare software op de markt, waaronder het populaire AppleWorks, een ge•ntegreerd pakket met een tekstverwerker, spreadsheet en databaseprogramma. Nieuwe investeerders en managers worden aangetrokken en Jobs krijgt de leiding. Hiermee en met de oprichting van Apple Computer Inc. verandert Apple van een club enthousiaste hobbyisten in een echt bedrijf en multinational.


Intussen staat de concurrentie niet stil. 1981 is ook het jaar waarin IBM haar eerste personal computer op de markt brengt. Tot 1984 blijft de Apple II de best verkopende pc in de markt. Maar IBM ('Big Blue') loopt snel in. Het is de tijd waarin een van de beste marketingovereenkomsten aller tijden word gesloten: Microsoft's gouden deal met IBM: Microsoft levert de besturingssoftware voor de IBM-pc, maar mag deze ook aan andere computerbouwers leveren.


Al gauw stellen diverse fabrikanten zelf uit losse onderdelen hun eigen pc samen, de zogenaamde 'klonen'. Hierop draait dan MS-DOS. Dit maakt dat deze computers veel goedkoper zijn dan die van Apple, die ook met de nieuwere Apple II's nog altijd haar hardware en besturingssysteem zelf in handen houdt.



GUI: grafische gebruikers interface


De Apple II, II, Ii+ en IIc worden allen bestuurd met tekstcommando's, maar lang duurt dat niet. In 1979 brengen Jobs cs. een bezoek aan kopieerapparatengigant Xerox, en dat bezoek zal niet zonder gevolgen blijven. Xerox had destijds net een computer ontworpen met een GUI, een grafische gebruikers interface. Het idee van de GUI is niet nieuw. Het idee stamt uit eind jaren '40. Computers uit die tijd waren echter niet snel genoeg om een grafische interface mogelijk te maken. Xerox was de eerste die het concept echt in praktijk bracht, maar het ontbrak het bedrijf aan visie hoe dit nu in een bruikbare pc om te zetten. Jobs hoorde van het idee en tegen betaling van aandelen mocht Apple komen kijken om inspiratie op doen.


Het besturingssysteem van de Xerox PARC maakte een onuitwisbare indruk op Jobs. De computer werd bediend door middel van muisbesturing en iconen. Hierdoor ge•nspireerd startte Apple met de bouw van de Lisa. De Lisa werd een peperdure pc met een muis, een floppy drive en een GUI met iconen en pull-down menu's. Ze had een Motorola MC68000 microprocessor aan boord die liep op een kloksnelheid van 5MHz, 512K RAM (max. 2MB). De verkopen bleven - vanwege de hoge prijs ($10.000) - achter bij die van de Apple II en IBM compatible pc's, maar de toon was gezet.


Vrijwel gelijktijdig met de ontwikkeling van de Lisa begon ook het Macintosh projekt. De missie: een computer maken toegankelijk voor mensen die nog niet eerder met een computer hadden gewerkt. Op 22 januari 1984, tijdens de Superbowl (de finale van het American Football), verraste Apple vriend en vijand met de introductie van de Macintosh. In een 60 seconden durende reklamespot, welke onlangs in de Verenigde Staten verkozen werd tot de 'commercial van de eeuw', zien we een wereld zoals George Orwell beschreef in het boek 1984. Grauwe mensen, allen in dezelfde grauwe kleding, lopen in de pas naar een bioscoop waar men gebiologeerd kijkt naar een scherm met uitspraken van 'Big Brother'. Het tafereel wordt ruw onderbroken door een meid in hip sportcostuum die met een moker het Big Brother scherm aan diggelen gooit en hiermee de toeschouwers de ogen opent. Veel mensen zullen denken dat - gezien de huidige stand van zaken op de computermarkt - met 'Big Brother' Microsoft wordt bedoeld, maar in 1984 is IBM de grootste concurrent van Apple.


Het sloeg aan. De Macintosh, een alles-in-ˇˇn computer die kon praten en waarmee je kon tekenen, werd een groot succes.



De tegenvallers, de terugkeer en het succes


Nadat John Sculley, voormalig president van Pepsi Cola (!) in 1985 de leiding over Apple kreeg, ging het langzaam bergafwaarts. Steve Jobs en hij bleken water en vuur, en Jobs nam, na een mislukte poging Sculley eruit te werken, ontslag. Steve Wozniak had er al eerder de brui aan gegeven. Jobs eruit: inspiratie weg en het duurde niet lang of Apple moest een vijfde van haar personeel ontslaan. Erger was - commercieel gezien - de kolossale fout die werd gemaakt in een overeenkomst met Microsoft (MS). Hierin stond dat MS in Windows 1.0 geen Apple-technologie mocht gebruiken. Over toekomstige Windows versies werd niets vastgelegd.


Toch werd er succes geboekt. De introductie van de Mac II, een bijzonder uitbreidbaar en betrouwbare pc, de Apple Personal Laserwriter en programma's als Aldus Pagemaker maakte de Macintosh hernieuwd tot een succes. DeskTop Publishing deed zijn intrede en de Mac veroverde de grafische sector. Ook kwam het MacOS in het Japans en Arabisch beschikbaar (1986) en bleef Apple marktleider op scholen. Concurrent Microsoft had problemen met het maken van een goede grafische schil om haar MS-DOS heen en lag enkele jaren achter.


Al die tijd bleef Apple kiezen voor het samen blijven verkopen van hardware en besturingssysteem. Zakelijk gezien was dit niet slim. De wereldmarkt werd veroverd door zogenaamde klonen. Goedkope kopi‘n van IBM personal computers, samengesteld uit losse onderdelen en de goedkope 8086 processor van Intel, veroverden de wereldmarkt. Iedereen kon zijn eigen computer samenstellen en een los te kopen besturingssyteem kiezen. Het merendeel van de personal computers bestond uit klonen van de IBM pc, met een besturingssysteem van Microsoft, MS-DOS dat werkte met tekst-commando's. Niet echt gebruiksvriendelijk, totdat Microsoft - met Apple technologie - een redelijk werkende versie van Windows uitbracht. Apple voelde zich bedrogen, maar kon juridisch niets beginnen, alle pogingen ten spijt. Microsoft's ster rees en Apple had het nakijken.


Langzaam werd het Apple duidelijk dat het samen leveren van hardware en besturingssyteem zakelijk toch niet zo'n goede zet was. Als reactie hierop besloot ook Apple het MacOS in licentie uit te geven en voor het eerst in haar geschiedenis kregen we Apple Klonen van onder meer Umax en PowerComputing. De stap van Apple kwam te laat. Windows had de wereld veroverd en niet het MacOS. Toch liet Apple liet zich niet uit het veld slaan en bleef, ondanks een dalend marktaandeel, innoveren. Zo kwamen netwerkkaarten en modems standaard aan boord van de Mac. In 1991 bracht Apple de eerste laptop, de PowerBook op de markt en even later de Newton, de eerste PDA (personal digital assistant) met handschriftherkenning.


Apple innoveerde ook met ethernet netwerkverbindingen, cd-roms, scanners en QuickTime multimedia software en wist in de jaren '90 een deal te sluiten met IBM en Motorola. Dit resulteerde in de introductie van de PowerMac, gebaseerd op de nieuwe snelle PowerPC chip van IBM en Motorola, en een goedkope computerlijn: de Performa's. In februari 1993 werd de tien miljoenste Macintosh verkocht. In november van dat jaar stopte, na 17 jaar en 5 miljoen verkochte exemplaren, de verkoop van de Apple II.



Jobs keert terug


Ondanks een vaste voet aan de grond in de creatieve sector, bleef Apple's totale marktaandeel dalen. Het kwam niet alleen door concurrentie; in juni 1995 had Apple 1 miljard dollar aan orders binnengehaald, maar kon vervolgens niet leveren. Het gevolg was dat klanten wegliepen, verliezen zich opstapelden, en financieel analisten een spoedig faillissement voorspelden. Toch bleef na de komst van Windows '95 het aantal gebruikers van het MacOS stabiel en bood Apple een basis voor een goede boterham.


Toen in 1996 het bedrijf NeXt (opgericht door Steve Jobs!) werd overgenomen en Jobs terugkeerde als adviseur en even later (onbezoldigd) interim CEO, kwam er weer vaart in het bedrijf. NeXt hield zich bezig met het maken van een op Unix gebaseerd besturingssysteem, NeXtStep. Hoewel NeXt commercieel nooit een succes werd, wilde Apple haar technologie graag gebruiken in een volgende generatie MacOS.


Dat was hard nodig, want met alle nieuwe technologi‘n begon het uit zijn jasje te groeien. Nog altijd kende het MacOS geen echte multitasking en geheugenbescherming. In de loop der tijd was er wel veel geld gestoken in diverse idee‘n, maar van een echte ontwikkeling was geen sprake. Het nieuwe, door NeXtStep ge•nspireerde OS, zou echter nog een paar jaar op zich laten wachten. Jobs hield eerst grote schoonmaak in het nog altijd forse verliezen leidende bedrijf.


Een van de belangrijkste wapenfeiten van Jobs was een einde te maken aan de nog steeds slepende juridische strijd met Microsoft over de rechten van Windows. Voor 150 miljoen dollar aandelen Apple (zonder zeggenschap) werd het conflict geschikt en tevens kondigde MS aan dat haar populaire MS Office in 1998 beschikbaar zou komen voor de Mac. Ook trok Jobs een streep door de klonen-licenties en kondigde aan Mac's rechtstreeks aan de consument te gaan verkopen, door middel van de Apple Store. Dit, samen met de introductie van de nieuwe G3 processor, hielp een einde te maken aan de verliezen, maar de klapper kwam in augustus 1998 met de iMac. De computerwereld stond op zijn kop. Een betaalbaar, Tupperware-achtig doorzichtig alles-in-ˇˇn model gericht op het Internet werd dˇ comeback van Apple als computerbouwer. De iMac werd een van de best verkopende computers. Jobs ging door met de "i" line in een portable versie ("iBook") en diverse programmatuur als iMovie, iTunes en iTools.


Standaard aanwezige high-end hard en software maakten het nu ook voor de gewone consument mogelijk om bijvoorbeeld aan videobewerking te doen zonder aanschaf van extra's. Ook de G4, de eerste desktop supercomputer (dat een exportbeperking opleverde) zette Apple definitief weer in de markt, al werd het exentrieke 'broodrooster' ontwerp de van de G4-Cube geen succes.


Als kers op de taart werd daar in 2001 de iPod aan toegevoegd, en de programma's iPhoto, iCal en iSync. De eerste werd ook onder niet-Apple gebruikers zeer populair. Maar voor het zover kon komen moest er iets anders gebeuren; het klassieke MacOS groeide meer en meer uit zijn jasje. Vanuit de NeXt achtergrond werd gekozen voor Unix als basis voor het nieuwe MacOS, om precies te zijn open source UNIX (FreeBSD en de Mach 3 kernel).


Het adopteren van het op open standaarden gebaseerde Unix als basis voor het MacOS bracht ongekende mogelijkheden met zich mee. Sinds eind jaren '60 bestond Unix als besturingssysteem voor high end computing (Enterprise). Universiteiten, banken, webservers, allen draaien Unix vanwege de stabiliteit en de open source gemeenschap zorgt, samen met Apple, voor een stroom aan gratis programmatuur. Samen met nieuwe en snellere hardware dook Apple de 21ste eeuw in.



Apple nu


Op dit moment kent de wereld zo'n twintig miljoen Mac-gebruikers. Sinds haar introductie in maart 2000 is het aandeel dat MacOSX gebruikt als besturingssysteem gestegen naar 9,4 miljoen. Er zijn zo'n 10.000 programma's op de markt voor MacOSX en - vooralsnog - geen virussen. Naast Apple eigen besturingssysteem kun je Linux PowerPC en X11 draaien en diverse emulators van Snes en tot WindowsXP. MP3 speler iPod en de in 2002 gelanceerde iTunes Music Store heeft Apple ook voor de pc-gebruiker definitief op de kaart gezet.


Nog altijd moet je een Mac kopen om het MacOS te draaien en andersom. Technisch gezien is dit niet echt een vereiste meer. Een op UNIX gebaseerd besturingssyteem kan ook op andere hardware draaien. Het MacOS kan dit ook. Financieel interessant zou het zeker zijn, en gezien het succes van de diverse Linux distributies is er zeker vraag naar alternatieve besturingssystemen. De vraag is of Apple dit wel wil. Vooralsnog niet, zo heeft Steve Jobs gezegd. Hij hecht blijkbaar nog teveel waarde aan zijn persoonlijke missie: de beste personal computer ter wereld bouwen.



Auteur:

MacMiep (pseud. van Rina, medewerkster redactie Breekpunt)


Datum van publicatie:

januari 2004


Bron:

De geschiedenis van Apple Computer deel 1 en
De geschiedenis van Apple Computer deel 2 op www.breekpunt.nl.


Verder lezen:

Breekpunt
Breekpunt artikelen Apple






Sluit dit venster om terug te keren naar
RozemarijnOnline    De Apple pagina.

Bent u rechtstreeks op deze pagina gekomen, klik dan hieronder
om naar het overzicht met artikelen of de homepage te gaan.



Naar boven                       Overzicht artikelen                       Home